VLECS

Vereniging voor de Liefhebber van de Engelse Cocker Spaniël

Opgericht februari 2011


Rasbeschrijving

 

De Engelse Cocker Spaniel, gezondheid, karakter, voeding en overige informatie


Algemeen

De Engelse Cocker Spaniel is een jachthond afkomstig uit Engeland. Het is een levendige en vriendelijke hond, die zeer geschikt is als gezinshond.

De Engelse Cocker Spaniel voelt zich zowel in de stad als op het platteland thuis. Het vrolijke karakter is typerend voor dit ras. Het is een intelligente, maar zachtaardige hond, die geduldig en begripvol benaderd moet worden. De Engelse Cocker Spaniel is door zijn vriendelijk- en aanhankelijkheid een “ware kameraad”.

Door zijn, van nature, zachte geaardheid is het van belang dat de Engelse Cocker Spaniel vriendelijk, doch duidelijk wordt begeleid. Zo wordt hij uw ideale huisgenoot en metgezel, als ook vriend voor het leven.

Geschiedenis

De Engelse Cocker Spaniel is een van de oudste hondenrassen. De eerste schriftelijke melding van een Engelse Cocker Spaniel stamt uit 948.

In de 18e eeuw werd voor het eerst over de Engelse Cocker Spaniel gesproken in Engeland. Het waren ideale honden voor de jacht op de houtsnip vanwege hun perfecte formaat en dikke vacht. De Engelse Cocker Spaniel liet zich niet tegen houden door doornstruiken en dichtbegroeid gewas; ze konden zich, door hun formaat, overal doorheen manoeuvreren. Door zijn moedige jachtpassie, waardoor zij regelmatig verwondingen aan hun staart opliepen, werden deze destijds gecoupeerd. Dit werd toen in de rasstandaard opgenomen.

In de 19e eeuw werden de Spaniels opgedeeld in grote Spaniels (Field Spaniel) en kleine Spaniels (Cocker Spaniel). Deze verdeling was gerelateerd aan het gewicht van de hond. Boven de 25 Engelse ponden werd de hond ingedeeld bij de Field Spaniel en onder dat gewicht bij de Cocker Spaniel.

In het tweede gedeelte van de 19e eeuw is men begonnen met een fokprogramma dat geleid heeft tot de hedendaagse Engesle Cocker Spaniel. In Engeland werd de eerste Engelse Cocker Spaniel Vereniging in 1885 opgericht, in Nederland was dat in 1906.

Oorsprong naam

Over de herkomst van de naam “ Engelse Cocker Spaniel” wordt nog steeds getwist; niemand weet precies waar de “Spaniel” vandaan komt. De naam “Cocker” is afkomstig van de Woodcock (houtsnip). Rond 1800 werd er veel gejaagd op deze vogels met behulp van de Engelse Cocker Spaniel.

De naam “Spaniel” of “Epagneul” zou vanuit het Spaans komen en is een verbastering van Espagnol; letterlijk vertaald “hond van Spaanse afkomst”. Anderen beweren dat “Epagneul” is afgeleid van het Franse werkwoord ‘s’espagner (gaan liggen).

De jachthond

De Engelse Cocker Spaniel is een jachthond en heeft zijn natuurlijke instinct voor het jagen en apporteren nooit verloren. De Engelse Cocker Spaniel is een kleine, ijverige en krachtige jachthond. Alhoewel tegenwoordig de mogelijkheden om in het veld te werken zeer beperkt zijn, kan er toch nog wel getraind worden. Dit kan via de rasvereniging of de KNJV. Het is prachtig om deze kleine jachthond in het veld aan het werk te zien.

Training

Dit ras is van nature leergierig en snel van begrip. Consequent zijn tijdens de training is noodzakelijk omdat de Engelse Cocker Spaniel geneigd is uw rol over te nemen. De Engelse Cocker Spaniel wil graag werken en is dan ook zeer geschikt voor gehoorzaamheid, behendigheid en flyball training. Hier komt de term “willing to please” helemaal tot zijn recht. Overal in het land worden deze cursussen voor honden gegeven.

Uiterlijk

De Engelse Cocker Spaniel is een jachthond die stevig is gebouwd. Zijn uiterlijk is compact en vierkant. De snuit is vierkant en de neus is breed genoeg om mee te kunnen speuren.

Hoofd: De schedel is fijn belijnd en duidelijk. Hij heeft een goed ontwikkelde, besneden voorsnuit, duidelijke stop en de wangen zijn vlak en droog.
Ogen: Deze zijn hazelnootbruin en in harmonie met de kleur van de vacht. De donker gekleurde ogen zien er vriendelijk en intelligent uit. Ze hebben een vrolijke en heldere uitstraling.
Oren: Deze zijn laag aangezet en lang, niet verder reikend dan de neuspunt. Ze zijn bekleed met lang en zijdeachtig haar.
Staart: De staart is laag aangezet en niet hoger dan de ruglijn gedragen. Hoe lager hij wordt gedragen, des te beter het is. Als de hond aan het werk is, moet de staart onafgebroken in beweging zijn.
Vacht: De vacht van de Engels Cocker Spaniel is glad en aanliggend, recht, zijdeachtig en niet gegolfd ; de bevedering is niet overvloedig. Lang behang op oren en borst. Een franje aan de achterkant van de extremiteiten. Boven de benen en hielen is de vacht goed bevederd.

Reu:
Schofthoogte: 40 – 41 cm
Gewicht: 14 tot 15 kg.
Gemiddelde leeftijd: 13 tot 14 jaar

Teef:
Schofthoogte: 38 – 39 cm
Gewicht: 12 tot 13 kilo
Gemiddelde leeftijd: 13 tot 14 jaar

Karakterbeschrijving

Het zijn bewegelijke, levendige, intelligente, waakse, milde, opgewekte en een beetje eigenwijze honden. De eenkleurige Engelse Cocker Spaniel heeft leidinggevende eigenschappen en een sterke drang het initiatief over te nemen. De meerkleurige Engelse Cocker Spaniel is iets meer afhankelijk van leiding.

Aard

De Engelse Cocker Spaniel heeft een jacht instinkt. Het is een vrolijke, zachtaardige hond die meegaand, intelligent en aanhankelijk is. Het zijn levendige honden die, gezien hun soms eigenwijze gedrag, consequent opgevoed moeten worden. De meeste Cockers zijn dol op apporteren en zwemmen. Hier komt ook de bekende term “willing to please” vandaan.

Kleur

Bij de Engelse Cocker Spaniël kent men een groot aantal kleurvariëteiten. Hier wordt een onderscheid gemaakt tussen de één- en meerkleuren.

De éénkleuren zijn zwart, rood, chocolate/lever of sable, al of niet met tankleur. Bij de eenkleurige is een witte vlek op de borst toegestaan.

De meerkleuren zijn blauwschimmel, roodschimmel, oranjeschimmel, chocolateschimmel, zwartbond, roodbont, oranjebont, chocolatebont, driekleur, sableschimmel, al of niet met tankleur.

Verzorging

De Engelse Cocker Spaniel heeft een prachtig, aantrekkelijk hoofd met lange bevederde oren. Maar met zoveel bevedering moet de hond, als hij volwassen is, regelmatig geborsteld en gekamd worden. De vacht van de Engelse Cocker Spaniel raakt snel in de klit als deze niet regelmatig doorgeborsteld wordt. Tevens moet dit ras regelmatig getrimd te worden. Deze honden dienen te worden geplukt. Let op dat ze niet worden geschoren, want dan wordt de vacht dof en krullig. Alleen een ervaren trimmer weet hoe de Engelse Cocker Spaniel getrimd hoort te worden. De oren kunnen, gezien hun lengte en bevedering, gevoelig zijn voor ontstekingen en moeten hierop regelmatig worden gecontroleerd.

Door medische ingrepen, bepaalde medicatie of hormonale veranderingen kan de vacht sterk beïnvloed worden. Door sterilisatie of castratie verandert de hormonale huishouding. Als een teef wordt gesteriliseerd raakt de hormonale huishouding uit balans; dit kan zich uiten in toename van gewicht, versterkte haargroei en verandering van karakter, ook bij het castreren van de reu kunnen deze veranderingen optreden. De eigenaar dient hierover vooraf navraag te doen bij de dierenarts of fokker. Hierdoor kan er beter ingespeeld worden op de eerder genoemde veranderingen.

Andere Spanielrassen

  • Springer Spaniel
  • Field Spaniel
  • Ierse Water Spaniel
  • Sussex Spaniel
  • Amerikaanse Cocker Spaniel
  • King Charles Spaniel